Er wordt door de Nederlandse klassiek homeopaten niet altijd behandeld volgens “de ziekteklassifikatie” zo die door Samuel Hahnemann, de grondlegger van de klassieke homeopathie, wordt beschreven. Omdat de behandeling volgens deze inzichten toch erg verschilt met de benadering zo die aan de meeste klassiek homeopathische opleidingen in Nederland onderwezen wordt, wil ik hier de behandeling volgens deze ziekteklassifikatie aan u uitleggen. Alle homeopaten die opgeleid en gecertificeerd zijn in het werken volgens deze ziekteklassifikatie kunnen zich register homeopaat noemen en de letters RH achter hun naam voeren.

 

                                                   

 

Samuel Hahnemann schreef in zijn standaardwerken “Organon der Geneeskunst” en “De Chronische Ziekten” hoe hij onderscheid maakt in de behandeling van een aantal verschillende ziekten die iemand kan hebben. Deze verschillende ziekten behandelde hij suksessievelijk met de daarvoor geëigende middelen.

 

Binnen deze ziekteklassifikatie krijgen àlle symptomen van de patiënt hun plek. Er worden geen symptomen genegeerd en weggefilterd als zijnde “niet belangrijk”.

Het is Ewald Stöteler die deze benadering opnieuw inzichtelijk heeft gemaakt. Hij verduidelijkt deze visie in zijn boek “Hahnemann begrijpen”.

Om één en ander ook visueel duidelijk te maken kreëerde Ewald de ziekteklassifikatie-bloem. Als we de bladen van deze ziekteklassifikatiebloem (rechts) benoemen, zien we dat de verschillende bloembladen elk voor een andere ziektevorm staan, zoals door Hahnemann in het Organon wordt beschreven.

 

We zien in deze bloem rode en gele bloemblaadjes, en een blauw bloemhart.

        

De rode bloembladen staan voor ziekten die van buitenaf komen. We noemen dit exogene ziekten:

De gele bloemblaadjes symboliseren de ziekten die van binnenuit komen. Dit noemen we endogene ziekten. Bij endogene problematiek is altijd sprake van een konstitutioneel probleem. Dat betekent dat iemand niet in staat is om adekwaat op prikkels van buitenaf te reageren, en in een (steeds meer) chronische of steeds terugkerende staat van ziekzijn terecht komt. Deze bloembladen zijn altijd nauw verbonden met het blauwe bloemhart dat de konstitutie symboliseert. Het gaat hier om de volgende ziekten:

Tenslotte het blauwe bloemhart, dat staat voor de grondoorzaak van alle ziekten (ook endogeen): Psora staat in het hart van de bloem en geeft de konstitutionele aanleg weer, met de eigen erfelijke belasting, sterke en zwakke plekken, mogelijkheden en onmogelijkheden. Vanuit deze voor iedere mens eigen fysiek– emotioneel-mentale basisgesteldheid krijgt zijn leven vorm. Een sterke konstitutie geeft een grote weerstand tegen de verstorende invloeden die het leven biedt. Een zwakkere konstitutie geeft meer ontvankelijkheid (en dus ziekte) voor allerlei storende levensinvloeden.